Vrijwilligersinzet in een netwerksamenleving

Onderstaande is vrij ambitieus, en dient gelezen te worden als een serie mogelijkheden en tevens als een eventueel initiatief van velen (= een op te richten alliantie van mensen en groepen die het idee steunen).

Voor de duidelijkheid, onderstaande idee heeft niet betrekking op het invulling geven aan uitvoering van de WMO, mantelzorg, of andere overheidstaken waar inzet van vrijwilligers noodzakelijk is. Ik kan me wel een wisselwerking voorstellen tussen burger-initieven die hieronder omschreven worden en de gemeente en haar welzijnsinstelling. Dit wil ik wel mondeling toelichten.

Uitgangspunten/basishouding:

– Scheid de begrippen gemeente en gemeenschap. De gemeente is dienstbaar aan de gemeenschap. Het belang van de gemeenschap gaat dus boven het belang van de gemeente.

– De inwoners, en hun samenwerkingsverbanden (zoals bedrijven en verenigingen) vormen samen de gemeenschap. Mensen voelen te weinig binding met deze gemeenschap, dat gevoel moeten we activeren (reactiveren?)

– Stimuleer daarvoor die initiatieven die tot gevolg hebben dat mensen betrokken worden bij de gemeenschap, bij hun omgeving en bij elkaar.

– Creëer daarvoor een omgeving waarin initiatieven makkelijker tot stand komen, waarin mensen elkaar kunnen vinden, maar waar mensen zich ook veilig voelen.

–          Wanneer een probleem gesignaleerd wordt, houd dan als overheid een brainstorm over de vraag: ‘hoe kan de gemeenschap (maatschappij) dit oplossen?’. Daarna komt pas de vraag aan de orde: ‘en hoe kan de gemeente daaraan bijdragen?’

– Laat zoveel mogelijk doen door individuen, stichtingen, verenigingen en bedrijven

– Wees open, transparant en duidelijk > onduidelijkheid is fnuikend voor initiatief van onderop

Het idee: een stichting ter stimulering van initiatieven van onderop

In het kort:

–   Richt een stichting op die buiten de gemeentelijke bureaucratie en buiten Versa Welzijn functioneert, waar burgers met een idee voor een burgerinitiatief zich kunnen melden, waar dan kort met hen wordt meegedacht hoe hun idee vorm zou kunnen krijgen en of er anderen in Hilversum bezig zijn met hetzelfde onderwerp, en hulp bij het contact leggen met deze anderen.

–   Bij deze stichting zouden dan ook verenigingen (sport, buurt, cultuur, goede doelen, etc) kunnen aankloppen wanneer zij behoefte hebben aan contact met andere verenigingen. Vanuit de stichting wordt dan geholpen met het vinden van de juiste contactpersonen.

–   Vanuit de stichting wordt zonodig/zogewenst discussie-bijeenkomsten georganiseerd over thema’s, min of meer zoals het jaarlijkse sport-overleg of de stadsdebatten.

Uitgebreid:

Werk toe naar een structuur waarin een lappendeken aan particuliere, niet commerciële initiatieven kan ontstaan. Denk hierbij niet te beperkt, het kan van alles zijn, en daar moet de structuur op ingesteld zijn. Eigenlijk bestaat de lappendeken al, en ontbreekt het op dit moment slechts de structuur waarin nog veel meer kan ontstaan.

Als model voor de stichting kijk ik naar actuele initiatieven die overal in Nederland de afgelopen jaren ‘van onderop’ zijn ontstaan, zoals Nudge.

Je hebt een regie-groep (vereniging of stichting) met een website waar ideeën en initiatieven op geplaatst kunnen worden. Mensen kunnen zien welke ideeën er zijn. Als er zich iemand met een nieuw concreet idee meldt dan ondersteunt de regie-groep (als ze er iets in zien) bij het uitdenken/vormgeven van het idee en het vinden van partners (lees gelijkgestemden in de lokale omgeving). Verder faciliteert de regie-groep bij het uitrollen van het idee. Verder laat ze het aan de lokale initiatiefnemers.

Bij de structuur die mij voor ogen staat, denk ik aan een lokale stichting die faciliteert en stimuleert, met hoofddoelstellingen en subdoelstellingen.

Hoofddoelstellingen:

a) Onderhouden van een database waar bestaande initiatieven in staan (korte beschrijving, met enkele sleutelwoorden)

b) Ontsluiten van deze database voor iedereen (rekening houdend met de privacy-regels en de wensen van betrokkenen)

Subdoelstellingen (treden in werking wanneer een initiatiefnemer daar positief tegenover staat):

c) Losse eindjes binnen deze database aan elkaar knopen

d) Samenwerking tussen initiatieven stimuleren

e)   Fungeren als kennisbank voor hoe je een idee uitwerkt/vorm geeft, voor hoe je vrijwilligers, fondsen en partners kunt werven

f)     Bij gebleken behoefte een bijeenkomst organiseren waar mensen die met hetzelfde bezig zijn elkaar kunnen ontmoeten (zoals de stadsdebatten, de sportontmoeting, of het Rabo kenniscafé)

g) Bij een geconstateerde lacune in de initiatieven de behoefte/vraag in de etalage zetten

h) Mensen doorverwijzen naar bestaande initiatieven

i) Initiatieven helpen bij het genereren van publiciteit

Wat je absoluut moet voorkomen is dat de stichting suggereert dat ze zich inhoudelijk met een initiatief bemoeit, of dat ze een rol gaat spelen bij het verder op poten zetten van het initiatief.

Uiteindelijk verlamt dat de situatie namelijk. Enerzijds raakt de initiatiefnemer verlamt omdat deze het initiatief kwijtraakt, maar ook de stichting raakt verlamt omdat ze aan allerlei initiatieven gaat trekken waar ze intern geen draagvlak voor heeft.

Het zal vaak genoeg voorkomen dat een initiatief alsnog een zachte dood sterft, so be it. Op dit moment wordt echter te vaak opnieuw het wiel uitgevonden, en broeden mensen te lang op ideeën, zonder tot uitvoering over te gaan. Puur en alleen omdat ze niet weten waar te beginnen, niet weten hoe ze de buren aan moeten spreken, niet in contact komen met anderen die hetzelfde voorstaan, etc. We benutten het maatschappelijk surplus onvoldoende.

Verder heb je kans dat er meerdere initiatieven ontstaan voor dezelfde geografische lokatie of op hetzelfde onderwerp. Let it be. Het is aan initiatiefnemers om hun eigen weg te vinden. Daarin moet je niet willen sturen. Niet iedereen kan met iedereen samenwerken.

De stichting moet politiek neutraal zijn en geen ambtelijke verantwoordelijkheid hebben. Reden hiervoor is dat initiatiefnemers ineens heel consumptief worden wanneer er een link met de overheid is. Dit werkt verlammend.

De stichting dient daarom los te staan van de gemeente en het wettelijke welzijnswerk (maar wel met een innig formeel en informeel onderling contact).

Stichtingsbestuurders en de vrijwilligers in de stichting kunnen logischerwijze wel banden hebben met politieke partijen, de gemeente of andere initiatieven in Hilversum, anders missen ze de bagage om invulling te geven aan hun werkzaamheden.

De stichting moet ook niet suggereren dat ze een rol moet spelen bij initiatieven, daarom het onderscheid tussen hoofd- en subdoelstellingen.

De stichting werkt met een bestuur, bestaande uit vrijwilligers die hier zitting in hebben omdat ze meer verbondenheid in Hilversum nastreven. Voor het stichtingsbestuur werken vrijwilligers die onder begeleiding van een coördinator uitvoering geven aan de doelstellingen. Waar geen vrijwilligers voor zijn, komt niet tot stand.

Zonodig kan de uitvoering in meerdere werkgroepen opgesplitst worden om verschillende doelstellingen vorm te geven.

Aernoud Olde, Hilversum, 5 maart 2012

 

Op LinkedIn-groep ‘Hilversum Verbonden’ heb ik een onderdeel van dit verhaal uitgewerkt, namelijk het samen meer bekendheid geven aan activiteiten in Hilversum. http://linkd.in/AzZXmI

Over Aernoud Olde

Aanjager van lokaal duurzaam denken en doen, voorzitter @ Hilversum Verbonden en oprichter van energie-coöperatie HilverZon te bereiken op 06-1250.5498
Dit bericht werd geplaatst in Blogbijdrages over Hilversum en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Vrijwilligersinzet in een netwerksamenleving

  1. Hallo Aernoud,

    Wat me verbaast is, dat je een stichting voorstelt om eea te regelen, terwijl dit iets is, dat een zo groot mogelijke openheid vraagt, lijkt mij. Stichtingen zijn alleen open, als ze zich open stellen. Een vereniging ligt dan meer voor de hand, vind ik. Ik denk ook dat mensen, die met initiatieven komen, bereid zullen zijn om zo’n coördinerende vereniging vorm te geven. Zij hebben er immers zelf primair belang bij?

    Zo’n vereniging hoeft niet eens veel leden te hebben: voldoende om het uitvoerende werk te verrichten. Het gaat immers niet om een vereniging, die voor de leden zélf bestaat, ook al ligt het voor de hand dat ook de leden tot de ideeënaandragers zullen behoren. Het is een vereniging, die primair coördineert voor derden.

    Buurtvriend X.

    PS: de site, die onder mijn naam staat, staat daar, omdat ik dat probleem 1 vind in de wereld, dat aandacht behoeft. Het is namelijk ook probleem 1, waar mensen het meest van wegkijken.

  2. Pingback: REGEV2: de energie-transitie van onderop | Aernoud Olde

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s